Het LTP assessment bestaat uit meerdere onderdelen, zoals de G-test (een capaciteitentest met abstracte, numerieke en verbale vragen), een interview en soms een persoonlijkheids- of integriteitstest.
Op deze pagina kun je de LTP test direct oefenen met gratis voorbeeldvragen en uitleg per vraagtype. Je krijgt inzicht in de verschillende onderdelen en hoe je je hier gericht op voorbereidt.
Wil je grondig trainen? Ons LTP oefenpakket bevat 2.700+ oefenvragen, studiegidsen voor elk onderdeel, volledige testsimulaties en gerichte voorbereiding op de persoonlijkheidstest, de integriteitstest en het interview.
Bereid je voor op je LTP assessment met:
Zie meer
24/7 Klantenservice
Niet goed?
Geld terug
1M+ tevreden gebruikers
Robert, productexpert bij JobTestPrep
Heb je een vraag of opmerking over het LTP assessment? Stuur 'm dan gerust een e-mail:
Een LTP assessment bestaat uit meerdere onderdelen. Welke dat precies zijn, hangt af van de organisatie, de functie en het functieniveau (mbo, hbo of wo).
In veel gevallen maakt een capaciteitentest deel uit van het programma, zoals de G-test met abstracte matrixen, cijferreeksen of numerieke vaardigheden. Daarnaast kunnen ook een persoonlijkheidsvragenlijst, een integriteitstest of een interview worden afgenomen. De exacte samenstelling vind je in de uitnodiging of e-mail van de werkgever.
Weet je al welke onderdelen je krijgt? Gebruik dan de inhoudsopgave hieronder om direct met het juiste onderdeel te oefenen.
Een LTP assessment is een psychologisch onderzoek dat wordt gebruikt om inzicht te krijgen in je capaciteiten, persoonlijkheid en ontwikkelpotentieel.
Werkgevers of opleidingsinstituten zetten het LTP assessment in tijdens sollicitaties, interne doorgroei, leiderschapstrajecten of toelatingstoetsen. Het assessment bestaat meestal uit een combinatie van capaciteitentests (zoals de G-test), een persoonlijkheidsvragenlijst en soms een integriteitstest, interview of rollenspel. De exacte samenstelling hangt af van de functie en het doel van het traject.
De LTP G-test is een capaciteitentest die je cognitieve en analytische vaardigheden meet.
De G-test kan bestaan uit verschillende onderdelen, zoals abstracte matrixvragen, cijferreeksen, cijferanalogieën, figuuranalogieën, figuurreeksen en patroonvouwen. In sommige testprogramma’s worden ook verbale relaties of numerieke vaardigheden afgenomen.
Niet alle onderdelen komen altijd terug. Welke capaciteitentests je krijgt, hangt af van de functie en het niveau (mbo, hbo of wo). Het assessment wordt afgestemd op de context van de organisatie.
Talent Fit, Talent Scan, Pre Fit en Talent Navigator zijn verschillende varianten van het LTP assessment, met elk een andere focus.
De capaciteitentest (in veel gevallen de G-test) is in elk van deze varianten een belangrijk onderdeel.
Veel kandidaten ervaren het LTP assessment als uitdagend, vooral door de tijdsdruk en het abstractieniveau van de vragen.
Met name de G-test bevat complexe patroon- en redeneervragen waarbij snelheid en nauwkeurigheid belangrijk zijn. Ook de combinatie van capaciteitentests, persoonlijkheidsvragen en een interview maakt het assessment intensief.
Door vooraf te oefenen met vergelijkbare vraagtypes kun je beter inschatten wat je kunt verwachten en ga je met meer vertrouwen je assessment in.
Kandidaten omschrijven het LTP assessment vaak als zwaarder dan verwacht. Vooral de hoge tijdsdruk en het abstractieniveau van de vragen worden veel genoemd. Sommige deelnemers gaven aan dat ze bij onderdelen zoals cijferreeksen en matrixen niet alle vragen afkregen.
Op het forum van Tweakers klagen meerdere kandidaten dat het oefenmateriaal van oefenwebsites aanzienlijk makkelijker is dan de echte test:
“Ik had alles geoefend via Hellotest, maar de werkelijke test was een flink stuk pittiger.”
Bron: Tweakers Gathering
Ook de persoonlijkheidstest roept vragen en frustratie op. Sommige kandidaten kregen vooral kritische feedback, of hadden het gevoel dat hun profiel zwaarder woog dan hun ervaring. Anderen wisten niet goed hoe ze zich hierop konden voorbereiden.
Het LTP assessment wordt gebruikt door organisaties in uiteenlopende sectoren, van financiële dienstverlening tot zorg en overheid. Hieronder vind je een overzicht van sectoren en voorbeelden van organisaties die LTP inzetten als testaanbieder.
| Sector | Organisaties |
|---|---|
| Financiële dienstverlening | AFM, Nationale Nederlanden, PGGM, Robeco, ASN Bank, KPMG, EY |
| Woningcorporaties | Dynhus, Woonzorg, Vesteda, Haag Wonen, De Sleutels, Havensteder |
| Private Equity | Rheininvest, Bencis, Marktlink, Aqua-Spark |
| Industrie | DSM, Canpack, APM Terminals, Loodswezen, Huijbregts, Plukon, Lamb Weston |
| Energie & duurzaamheid | EBN, Essent, Benegas, Stedin, TAQA, KPN |
| Zorg | Haga Ziekenhuis, Amphia Ziekenhuis, Amsterdam UMC, De Nederlandse GGZ, Eyescan, GGD, OLVG, LHV |
| Publieke sector | Rijksoverheid, Koninklijke Academie van Beeldende Kunsten, Gemeente Amsterdam |
Het LTP assessment wordt ingezet voor functies op mbo-, hbo- en wo-niveau, zowel voor selectie als voor ontwikkeling.
De onderstaande voorbeeldvragen lijken sterk op de abstracte matrixvragen die je kunt verwachten in de LTP G-test. Beantwoord de vraag eerst zelf en bekijk daarna de uitleg om je strategie te verbeteren.
*Bekijk ook de tabs ‘Uitleg’ en ‘Oplostips’ voor extra strategieën.
Welk figuur past logisch op de plek van het vraagteken?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Juist!
Fout
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (2):
Uitleg:
In deze matrix worden de figuren aan de linker- en rechterkant van elke rij samengevoegd tot de middelste figuur. De zwarte stip blijft in alle rijen hetzelfde.
In de onderste rij moet je aan de linkerfiguur een cirkel toevoegen om de middelste figuur te krijgen. Daarom is antwoord (2) correct.
Welk figuur past logisch op de plek van het vraagteken?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Fout
Fout
Fout
Juist!
Fout
Het juiste antwoord is (5):
Uitleg:
Om deze matrix aan te vullen, kijk je per rij van links naar rechts naar de opbouw van de figuren.
De figuren bestaan uit horizontale en verticale lijnen. In de bovenste rij zie je dat er in elk volgend figuur een kwart van het geheel verandert: de horizontale lijnen verdwijnen in een specifiek vlak. Dit patroon zie je in alle drie de rijen terug. In de middelste kolom verandert steeds het vlak rechtsboven; in de rechterkolom het vlak linksboven.
Belangrijk is dat elk figuur start vanuit een ander beginpunt. In de onderste rij begint het eerste figuur met alleen verticale lijnen in het vlak linksboven. Volgens het patroon verdwijnen nu de horizontale lijnen ook, waardoor dit vlak helemaal leeg wordt.
Het juiste antwoord volgt dit patroon: een figuur met een leeg vlak linksboven, verticale lijnen rechtsboven en onveranderde vlakken onderin.
Welk figuur past logisch op de plek van het vraagteken?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Fout
Fout
Juist!
Fout
Het juiste antwoord is (4):
Uitleg:
In de hele matrix is het vlak linksonder altijd wit. Dat moet in het ontbrekende vakje dus ook zo zijn. Optie 2 valt daardoor af, want daar is linksonder blauw.
Verder zie je dat in elke rij het vlak linksboven steeds dezelfde kleur heeft. In elke kolom blijft het vlak rechtsonder gelijk. Bijvoorbeeld: in de bovenste rij is linksboven telkens geel, en in de linkerkolom is rechtsonder steeds geel. In de middelste rij is linksboven blauw en in de middelste kolom is rechtsonder blauw. In de onderste rij is linksboven wit, en in de rechterkolom is rechtsonder wit.
Het ontbrekende vakje zit in de onderste rij én de rechterkolom. Dus moeten linksboven en rechtsonder wit zijn. Daarmee vallen ook opties 1 en 5 af, want daar klopt dat niet.
Tot slot: het vlak rechtsboven heeft in elke rij en kolom een andere kleur. In de onderste rij en rechterkolom hebben we al een vakje met geel en een met wit. We missen nog blauw.
De enige optie waarbij rechtsboven blauw is én de rest ook klopt, is antwoord (4).
Bij het onderdeel LTP abstracte matrixen krijg je een visuele puzzel in de vorm van een 3x3-matrix. In elk vak staat een figuur met een bepaald patroon. Eén vak ontbreekt en aan jou de taak om te bepalen welk figuur logisch op die plek hoort.
Deze test meet je abstract redeneervermogen: kun je patronen herkennen in vorm, positie, rotatie, aantal elementen of combinaties daarvan? Het gaat niet om voorkennis, maar om logisch denken en het snel doorzien van visuele verbanden.
Vaak lopen er meerdere regels tegelijk door de matrix. Zo kan het aantal elementen toenemen van links naar rechts, terwijl figuren tegelijkertijd roteren van boven naar beneden. De vragen worden onder tijdsdruk afgenomen, waardoor snelheid net zo belangrijk is als nauwkeurigheid.
Let op: dit onderdeel hoef je alleen te oefenen als je de LTP G-test moet maken. Check dus goed je testuitnodiging.
Kijk eerst naar de rijen en kolommen, niet alleen naar één van beide. De oplossing zit vaak in een logisch patroon van vorm, kleur of aantal dat van links naar rechts én van boven naar beneden verandert.
Let bijvoorbeeld op:
Zie je het patroon niet meteen? Begin met één element (zoals een stip, lijn of vorm) en volg die over de rij of kolom. Zo kun je het onderliggende principe vaak snel herkennen.
Oefening helpt je om deze patronen steeds sneller te doorzien.
Bereid je gericht voor op abstracte matrixvragen zoals je die op het LTP assessment kunt verwachten. Ons LTP oefenpakket bevat onder andere:
De onderstaande voorbeeldvragen sluiten aan bij het onderdeel cijferreeksen binnen de LTP G-test. Je krijgt een reeks getallen te zien en moet op basis van het onderliggende patroon bepalen welk getal logisch volgt.
Beantwoord de opgave eerst zelfstandig en bekijk daarna de uitleg om je aanpak te verfijnen.
*Bekijk ook de tabs ‘Uitleg’ en ‘Oplostips’ voor extra strategieën.
Welk cijfer past logisch op de plek van het vraagteken?
0.4 | 1.2 | ? | 10.8 | 32.4
Klik op het juiste antwoord:
Juist!
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (A): 3.6.
Uitleg:
Bij elke stap wordt het getal verdrievoudigd ten opzichte van het vorige.
Welk cijfer past logisch op de plek van het vraagteken?
22761 | 7587 | 30348 | 30353 | 30347 | ?
Klik op het juiste antwoord:
Juist!
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (A): 4335.28.
Uitleg:
De reeks volgt een vast patroon van bewerkingen:
Dit is een klassieke cijferreeks waarbij je niet alleen het patroon van de bewerkingen moet herkennen, maar ook het oplopende getal waarmee je rekent.
Bewerkingen per stap:
Tips om het patroon snel te ontdekken: Begin met het uitrekenen van de makkelijkste stap(pen). In dit geval zijn dat de stappen tussen de getallen 3, 4 en 5. Schrijf de stappen op en let goed op het onderliggende patroon, zodat je ze toe kunt passen op de overige stappen.
Welk cijfer past logisch op de plek van het vraagteken?
50 | 57 | 49 | 53 | 41 | 49 | ?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Fout
Fout
Juist!
Het juiste antwoord is (D): 36.
Uitleg:
In deze opgave zit er een patroon in de verschillen tussen de getallen. Die verschillen vormen op zichzelf weer een reeks:
7 | 8 | 4 | 12 | 8 | 13
Als je deze verschillen bekijkt, zie je dat ze twee duidelijke regels volgen:
Met dit patroon kun je het ontbrekende getal terugrekenen.
Bij het onderdeel LTP cijferreeksen krijg je een reeks getallen te zien waarbij één waarde ontbreekt. Aan jou de taak om op basis van het onderliggende patroon te bepalen welk getal logisch volgt.
De patronen kunnen eenvoudig zijn (bijvoorbeeld optellen of vermenigvuldigen), maar ook bestaan uit combinaties van bewerkingen, wisselende verschillen of meerdere regels tegelijk. De test meet je cijfermatig analytisch inzicht en je vermogen om systematisch te redeneren onder tijdsdruk.
Tijdens dit onderdeel mag je geen rekenmachine gebruiken. Het is daarom belangrijk dat je snel hoofdrekenstappen kunt maken en gestructureerd werkt met kladpapier.
Let op: dit onderdeel hoef je alleen te oefenen als je de LTP G-test moet maken. Check dus goed je testuitnodiging.
Werk altijd stap voor stap. Schrijf de verschillen tussen opeenvolgende getallen op en controleer vervolgens of daar een logisch patroon in zit. Soms is het verschil zelf weer een reeks.
Kijk daarnaast of er sprake is van vermenigvuldigen, delen, afwisselende bewerkingen of een combinatie daarvan. Door systematisch alle mogelijkheden te toetsen, voorkom je dat je te snel een verkeerde conclusie trekt.
Nauwkeurigheid is minstens zo belangrijk als snelheid: een kleine rekenfout kan ertoe leiden dat je het volledige patroon mist.
Cijferreeksen lijken eenvoudig, maar zijn vaak lastiger dan je denkt. Door veel te oefenen leer je patronen sneller herkennen en foutloos toe te passen, ook onder tijdsdruk.
In ons oefenpakket vind je:
Zo bereid je je gericht voor, ongeacht het niveau van jouw LTP-assessment.
De onderstaande voorbeeldvragen sluiten aan bij het onderdeel figuurreeksen en figuuranalogieën binnen de LTP G-test. Beantwoord de vraag eerst zelfstandig en bekijk daarna de uitleg om je aanpak te verfijnen.
*Bekijk ook de tabs ‘Uitleg’ en ‘Oplostips’ voor extra strategieën.
Welk figuur volgt logisch in de reeks?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Juist!
Fout
Fout
Fout
Het correcte antwoord is (B):
Uitleg:
In elk figuur staan drie vormen. De zwarte cirkel komt steeds terug en beweegt stap voor stap omhoog en omlaag binnen de kolom.
De andere vormen verschijnen telkens in twee opeenvolgende figuren en verdwijnen daarna. De vorm die overblijft (in de laatste stap van links naar rechts) behoudt daarbij dezelfde positie ten opzichte van de andere vorm — niet ten opzichte van de cirkel.
Welk figuurpaar volgt logisch in de reeks?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Fout
Juist!
Fout
Fout
Het correcte antwoord is (C):
Uitleg:
In deze analogie bestaat de vorm links uit een combinatie van de twee vormen rechts: een rechthoekige driehoek die boven op een vierkant is geplaatst. De lijn waar de vormen elkaar raken, is daarbij weggehaald.
Bij de testvorm zie je iets soortgelijks: een parallellogram boven op een gelijkbenige driehoek, waarbij de grenslijn tussen beide is verdwenen. Dat komt overeen met antwoord C.
Let op: het parallellogram in antwoord C is gedraaid, waardoor de combinatie minder snel opvalt.
Bij LTP figuurreeksen en figuuranalogieën draait het om visueel logisch redeneren. Je krijgt een reeks figuren (of een vergelijking met figuren) te zien en moet het onderliggende patroon herkennen. Daarna kies je het figuur dat de reeks logisch vervolgt of de juiste aanvulling vormt op de analogie.
De logica zit vaak in veranderingen in vorm, positie, richting, rotatie, arcering/kleur, symmetrie of het aantal elementen. In veel vragen lopen meerdere regels tegelijk door elkaar, bijvoorbeeld een rotatie gecombineerd met een verschuiving, of een optelling/wegval van onderdelen.
Dit onderdeel meet hoe snel en nauwkeurig je visuele informatie analyseert, patronen herkent en consistente regels toepast onder tijdsdruk.
Let op: dit onderdeel hoef je alleen te oefenen als je de LTP G-test moet maken. Check dus goed je testuitnodiging.
Werk systematisch en analyseer per stap één kenmerk tegelijk: vorm → positie → rotatie → aantal → kleur/arcering. Noteer wat er verandert tussen twee opeenvolgende figuren en controleer of die verandering consistent door de reeks terugkomt.
Zie je geen patroon in de hele reeks? Bekijk dan kortere sprongen (bijvoorbeeld figuur 1→3→5 en 2→4→6) om afwisselende regels te herkennen. Let ook op combinatieregels: soms ontstaat een figuur door twee eerdere figuren te “overlappen” of elementen op te tellen/weg te laten.
Gebruik kladpapier om rotaties of tussenstappen snel te schetsen. Dat voorkomt dat je details mist en helpt je sneller een regel te verifiëren.
Ons LTP oefenpakket bevat gerichte voorbereiding op het onderdeel figuurreeksen en -analogieën:
De onderstaande voorbeeldvraag lijkt sterk op patroon vouwvragen die je kunt verwachten in de LTP G-test. Beantwoord de vraag eerst zelf en bekijk daarna de uitleg om je strategie te verbeteren.
*Bekijk ook de tabs ‘Uitleg’ en ‘Oplostips’ voor extra strategieën.
Welke van de vier opties geeft de juiste gevouwen kubus weer?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Juist!
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (B):
Uitleg:
Wanneer je het patroon vouwt en het rode vlak aan het groene bevestigt, komt het paarse vlak bovenop te liggen. Dat klopt met kubus (B), dus dit is het juiste antwoord.
Bij LTP patroon vouwen krijg je een uitgevouwen kubus (vlakpatroon) te zien. Aan jou de taak om te bepalen hoe deze kubus eruitziet wanneer het patroon wordt gevouwen. Je moet dus inschatten welke vlakken uiteindelijk tegenover elkaar liggen en welke zijdes elkaar raken.
Dit onderdeel meet je ruimtelijk redeneervermogen: kun je een tweedimensionaal patroon omzetten naar een driedimensionale voorstelling in je hoofd? Vaak bevatten de vlakken symbolen, lijnen of figuren die je moet volgen tijdens het vouwen. Het is belangrijk om niet alleen te kijken naar losse vlakken, maar naar de onderlinge positie en oriëntatie van elk vlak binnen het geheel.
Patroonvouwen vraagt om nauwkeurigheid en concentratie. Een kleine fout in je ruimtelijke voorstelling kan ertoe leiden dat je een antwoord kiest dat logisch lijkt, maar in werkelijkheid onmogelijk is.
Let op: dit onderdeel hoef je alleen te oefenen als je de LTP G-test moet maken. Check dus goed je testuitnodiging.
Analyseer eerst welke vlakken direct aan elkaar grenzen in het vlakpatroon. Vlakken die geen gemeenschappelijke rand delen, kunnen in de gevouwen kubus nooit direct tegen elkaar liggen. Dit helpt je om snel onmogelijke antwoordopties uit te sluiten.
Kies vervolgens één vlak als referentie en “vouw” de aangrenzende vlakken stap voor stap in gedachten omhoog. Let daarbij goed op de oriëntatie van symbolen of lijnen: draaien ze mee, spiegelen ze, of blijven ze gelijk?
Twijfel je? Maak dan een eenvoudige schets op je kladpapier of markeer tegenoverliggende vlakken. Door het proces systematisch te doorlopen voorkom je dat je op intuïtie een fout antwoord kiest.
Wil je je ruimtelijk inzicht gericht verbeteren? Ons LTP oefenpakket bevat:
Zo train je systematisch je ruimtelijk redeneervermogen en raak je vertrouwd met de verschillende varianten die in de LTP G-test kunnen voorkomen.
De onderstaande voorbeeldvragen lijken op de numerieke vaardigheden die je kunt verwachten in de LTP capaciteitentest. Je oefent met het analyseren van cijfermatige informatie, grafieken, tabellen en berekeningen onder tijdsdruk.
Beantwoord de vraag eerst zelf en bekijk daarna de uitleg om je aanpak te verbeteren.
*Bekijk ook de tabs ‘Uitleg’ en ‘Oplostips’ voor extra informatie over dit onderdeel.
Wat is het aandeel van werkloze afgestudeerden in 2000 dat aan een privé-universiteit heeft gestudeerd?
| Baankansen voor afgestudeerden | ||||
| 1990 | 2000 | |||
| Werkloos | Werkend | Werkloos | Werkend | |
| Private universiteit | 155 | 1475 | 125 | 1350 |
| Publieke universiteit | 125 | 1610 | 150 | 1250 |
Klik op het juiste antwoord:
Juist!
Fout
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (A): 0,45.
Uitleg:
Uit de tabel:
De verhouding (aandeel) van werklozen uit privé-universiteiten:
125/275 ≈ 0,45
Wat was het percentage werkloze afgestudeerden in 1990?
| Baankansen voor afgestudeerden | ||||
| 1990 | 2000 | |||
| Werkloos | Werkend | Werkloos | Werkend | |
| Private universiteit | 155 | 1475 | 125 | 1350 |
| Publieke universiteit | 125 | 1610 | 150 | 1250 |
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Fout
Fout
Juist!
Fout
Het juiste antwoord is (D): 8.3%.
Uitleg:
Het totale aantal afgestudeerden in 1990 = 155 + 125 + 1475 + 1610 = 3365
Het totale aantal werkloze afgestudeerden in 1990 = 155 + 125 = 280
Het percentage werkloze afgestudeerden in 1990 = (280 / 3365) × 100 = 8,3%
In welke periode steeg het werkloosheidspercentage het sterkst?
Klik op het juiste antwoord:
Juist!
Fout
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (A): 2009-2010.
Uitleg:
Om deze vraag te beantwoorden, kijk je naar de periode waarin de lijn het steilst omhoog gaat. Dat laat namelijk de grootste stijging in het werkloosheidspercentage zien.
In de grafiek zie je dat de scherpste stijging plaatsvond tussen 2009 en 2010.
Wat geeft de y-as weer?
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Juist!
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (B): het werkloosheidspercentage.
Uitleg:
Als je naar de y-as kijkt, zie je een schaalverdeling van 2% tot 9%. De x-as toont de jaartallen. Gezien de titel van de grafiek – "Werkloosheidspercentage in Nederland" – kun je concluderen dat de percentages op de y-as verwijzen naar het werkloosheidspercentage in dat jaar.
Bij het onderdeel numerieke vaardigheden krijg je tabellen of grafieken met cijfermatige informatie. Per opgave beantwoord je één of meer vragen over deze gegevens. Soms kun je het antwoord direct aflezen, soms moet je eerst een berekening maken.
De test meet of je cijfermatige informatie snel, logisch en nauwkeurig kunt analyseren. Het draait daarbij niet alleen om rekenvaardigheid, maar vooral om je vermogen om gegevens te begrijpen, verbanden te leggen en daar conclusies uit te trekken. Begripsvaardigheid en leesvaardigheid spelen dus minstens zo’n grote rol als rekenen.
Je mag een rekenmachine gebruiken tijdens de test.
De moeilijkheidsgraad hangt af van de functie waarop je solliciteert. LTP gebruikt verschillende testniveaus voor mbo-, hbo- en wo-functies. In ons oefenpakket vind je daarom opgaven op meerdere niveaus: van eenvoudig tot complex.
Het LTP oefenpakket bevat onder andere:
De onderstaande voorbeeldvragen sluiten aan bij het onderdeel verbale relaties binnen het LTP assessment. Beantwoord de vraag eerst zelfstandig en bekijk daarna de uitleg om je analyse te verdiepen.
*Bekijk ook de tabs ‘Uitleg’ en ‘Oplostips’ voor extra strategieën.
Kies het woordpaar met dezelfde relatie als het voorbeeld:
afnemen : toenemen
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Juist!
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (B): mooi : lelijk.
Uitleg:
‘Afnemen’ en ‘toenemen’ zijn elkaars tegenovergestelde. ‘Mooi’ en ‘lelijk’ vormen ook zo’n tegenstelling. De andere paren zijn dat niet: ‘zitten’ is bijvoorbeeld niet het tegenovergestelde van ‘wandelen’.
De woorden in het eerste paar hebben een bepaalde relatie. Kies het woord dat het tweede paar compleet maakt, zodat de relatie hetzelfde is.
verplicht staat tot optioneel zoals gemixt staat tot ...
Klik op het juiste antwoord:
Fout
Juist!
Fout
Fout
Fout
Het juiste antwoord is (B): puur.
Uitleg:
Verplicht en optioneel zijn tegenstellingen, bijvoorbeeld bij schoolvakken: een verplicht vak versus een optioneel vak. Op dezelfde manier zijn gemixt en puur tegenstellingen, bijvoorbeeld bij ingrediënten of dierenrassen.
Andere opties zijn geen echte tegenstellingen van gemixt. Een mengsel of iets gecombineerds is eerder een synoniem, en de andere woorden zijn niet logisch verbonden met het tweede paar.
In het onderdeel verbale relaties (ook wel analogieën genoemd) draait alles om betekenis: kun jij het verband tussen woorden herkennen en toepassen op een nieuw woordpaar?
Je krijgt steeds twee woordparen te zien. De woorden in het eerste paar staan in een bepaalde relatie tot elkaar en jouw taak is om het tweede paar te vinden dat dezelfde relatie heeft. Denk aan tegenstellingen, functies, gradaties of oorzaak-gevolg.
Deze test meet niet zozeer je woordenschat, maar je vermogen om logisch en taalkundig te redeneren. Dat maakt het een goede voorspeller voor functies waarin je veel leest, schrijft, discussieert of analyseert.
Bij verbale relaties draait het om patroonherkenning. Door te herkennen welk type relatie tussen twee woorden bestaat, kun je veel sneller het juiste antwoord vinden.
De meest voorkomende relaties zijn:
Probeer bij elke opgave eerst te bepalen wat voor relatie er wordt getest. Het benoemen van het verband helpt je om sneller de juiste match te vinden.
Met het LTP oefenpakket kun je je gericht voorbereiden op het onderdeel verbale relaties. Je krijgt:
De onderstaande voorbeeldvraag laat zien hoe een LTP persoonlijkheidsvraag is opgebouwd. Je beoordeelt een stelling over je gedrag of werkstijl op een schaal van (helemaal) oneens tot (helemaal) eens.
*Bekijk voor meer informatie de tabs "Uitleg" en "Voorbereiding".
Geef aan in hoeverre je het eens bent met de volgende stelling:
“Ik neem in groepssituaties automatisch het voortouw.”
Klik op het juiste antwoord:
Juist!
Juist!
Juist!
Juist!
Juist!
Uitleg
Er is geen goed of fout antwoord. Deze stelling meet onder andere initiatief, leiderschapsvoorkeur en dominantie in groepsdynamiek.
Belangrijk is vooral dat je antwoorden consistent zijn met andere stellingen over verantwoordelijkheid, besluitvorming en samenwerking. Inconsistentie kan in het rapport zichtbaar worden en een negatieve impact hebben op het eindoordeel.
De LTP persoonlijkheidstest bestaat uit een online vragenlijst waarin je uitspraken beoordeelt over je gedrag, voorkeuren en werkstijl. Het doel is inzicht te krijgen in jouw persoonlijkheidskenmerken, drijfveren en manier van samenwerken.
De vragen gaan bijvoorbeeld over hoe je omgaat met verantwoordelijkheid, samenwerking, besluitvorming, stress of verandering. Er zijn geen goede of foute antwoorden. Het assessment brengt in kaart hoe jouw profiel aansluit bij de functie, het team en de organisatiecultuur.
Je antwoorden vormen samen met de capaciteitentests, het interview en een eventuele integriteitstest de basis voor het eindrapport.
Hoewel je je persoonlijkheid niet kunt “leren”, kun je je wel voorbereiden op de manier waarop vragen worden gesteld en geïnterpreteerd.
Belangrijk is dat je:
Door vooraf een simulatie te maken, krijg je inzicht in het type vragen en hoe verschillende antwoordpatronen kunnen overkomen in een assessmentrapport.
Ons LTP oefenpakket bevat een realistische persoonlijkheidstestsimulatie met uitleg en functiegerichte aanbevelingen. Zo begrijp je beter wat er gemeten wordt en hoe je antwoorden samen een profiel vormen.
Onderstaande voorbeeldsituatie geeft een indruk van hoe een integriteitsvraag (Culture Fit) eruit kan zien. Je maakt een keuze in een realistisch werkdilemma waarbij verschillende belangen tegen elkaar worden afgewogen.
*Bekijk voor meer informatie de tabs "Uitleg" en "Voorbereiding".
Voorbeeldscenario
Je merkt dat een collega structureel kleine regels overtreedt om sneller resultaat te behalen. Dit lijkt de prestaties van het team op korte termijn te verbeteren, maar het is officieel niet toegestaan.
Wat doe je?
Klik op het juiste antwoord:
Juist!
Juist!
Juist!
Juist!
Uitleg
Integriteitsvragen draaien om afwegingen, niet om zwart-wit keuzes.
De test beoordeelt niet één enkel antwoord als goed of fout, maar kijkt naar consistentie in morele afwegingen, langetermijndenken, omgang met verantwoordelijkheid en hoe je belangen tegen elkaar afweegt.
Bij sommige LTP assessments maak je naast de capaciteitentests en persoonlijkheidsvragenlijst ook een integriteitstest, vaak aangeduid als Culture Fit. Dit onderdeel richt zich op je morele oordeelsvorming en de manier waarop je omgaat met dilemma’s in een werksituatie.
In plaats van directe vragen als “Ben je integer?”, krijg je praktijksituaties of een interactieve simulatie voorgelegd. Je moet keuzes maken die iets zeggen over je verantwoordelijkheidsgevoel, omgang met regels, loyaliteit en besluitvorming onder druk. Er wordt gekeken naar consistentie en naar de afwegingen die je maakt.
Het doel is niet om ‘goed’ of ‘fout’ gedrag vast te stellen, maar om inzicht te krijgen in hoe jouw moreel kompas aansluit bij de functie en de organisatie.
Een integriteitstest kun je niet uit het hoofd leren, maar je kunt je wel voorbereiden op het type dilemma’s dat wordt voorgelegd.
Belangrijk is dat je:
Door vooraf voorbeeldscenario’s te oefenen, krijg je inzicht in hoe verschillende keuzes kunnen worden geïnterpreteerd binnen een assessment.
Oefen realistische integriteitsdilemma’s met onze uitgebreide voorbereiding:
Zo begrijp je hoe integriteitsvragen zijn opgebouwd en hoe consistentie en afwegingen worden beoordeeld in een assessment.
Je kunt deze voorbereiding toevoegen aan je LTP oefenpakket voor een klein extra bedrag. In het 30-dagen LTP oefenpakket is deze voorbereiding gratis inbegrepen.
De onderstaande voorbeeldvraag lijkt op vragen die tijdens het LTP interview kunnen worden gesteld. Het gaat om gedragsgerichte vragen waarbij je een concreet praktijkvoorbeeld moet geven.
*Bekijk voor meer informatie de tabs "Uitleg" en "Voorbereiding".
“Kunt u een situatie beschrijven waarin u onder tijdsdruk een belangrijke beslissing moest nemen?”
Voorbeeldantwoord
“In mijn vorige functie moest ik binnen één dag beslissen over een gewijzigde planning vanwege een onverwachte levering. Ik heb eerst de risico’s in kaart gebracht, daarna overleg gevoerd met twee betrokken collega’s en vervolgens een aangepaste planning opgesteld. Hierdoor konden we de deadline alsnog halen zonder kwaliteitsverlies.”
Uitleg
In het interview wordt niet alleen gekeken wat je hebt gedaan, maar vooral:
Concrete voorbeelden met context, actie en resultaat (STAR-structuur) zijn overtuigender dan algemene uitspraken.
Na de online capaciteitentests en vragenlijsten volgt meestal een gesprek met een assessmentpsycholoog. Dit interview maakt integraal deel uit van het LTP assessment en wordt gebruikt om je testresultaten te verdiepen en te duiden.
Tijdens het gesprek komen onder meer je motivatie, werkervaring, sterke punten en ontwikkelpunten aan bod. Vaak worden gedragsgerichte vragen gesteld, waarbij je concrete voorbeelden moet geven van situaties uit je eigen praktijk. Ook kan worden doorgevraagd op uitkomsten uit de persoonlijkheids- of capaciteitentest.
Het interview is gestructureerd en gebaseerd op vaste beoordelingscriteria. Het doel is een volledig en onderbouwd beeld te krijgen van je geschiktheid voor de functie.
Een goede voorbereiding begint met inzicht in je eigen profiel. Denk na over:
Zorg dat je antwoorden specifiek en onderbouwd zijn. Algemene uitspraken (“ik werk goed in teamverband”) overtuigen minder dan een concreet voorbeeld met context, actie en resultaat.
Door vooraf mogelijke interviewvragen te oefenen en je eigen profiel helder te formuleren, vergroot je de kans op een consistent en overtuigend gesprek.
Bereid je voor op een realistisch sollicitatiegesprek via je camera met onze AI-interview manager:
Zo oefen je niet alleen wát je zegt, maar ook hoe je overkomt.
Je kunt deze interviewvoorbereiding toevoegen aan je LTP oefenpakket voor een klein extra bedrag. In het 30-dagen LTP oefenpakket is deze training gratis inbegrepen.
Eenmalige betaling. Geen abonnement.
Sinds 1992 hebben we al meer dan 1 miljoen kandidaten geholpen bij hun sollicitatie of assessment. We bieden meer dan 1.000 oefenpakketten aan voor capaciteitentests, persoonlijkheidstests en opleidingsassessments. Alle pakketten zijn afgestemd op bekende testaanbieders, opleidingen en werkgevers.